De Danfoss 131B3526 is een variabele frequentieregelaar (VFD) uit de VLT AutomationDrive FC 302-serie, vervaardigd door Danfoss. Deze serie is ontworpen voor veeleisende industriële bewegingsbesturingstoepassingen die nauwkeurige snelheids- en koppelregeling van AC-inductie- en permanentmagneetmotoren vereisen. De FC 302 vertegenwoordigt het hoogwaardig aandrijfplatform van Danfoss en biedt geavanceerde besturingsmogelijkheden die verder gaan dan de standaard FC 301-serie.
De FC 302 beschikt over gesloten-lus fluxvectorbesturing en open-lus VVC+ (Voltage Vector Control)-modi, waardoor hoge dynamische prestaties en nauwkeurige koppelregeling mogelijk zijn. Het ondersteunt een breed scala aan communicatiefieldbus-opties, waaronder PROFIBUS, PROFINET, EtherNet/IP, Modbus RTU en DeviceNet via optikaarten. De regelaar bevat ingebouwde EMC-filtering, veilige koppeluitschakeling (STO) conform IEC 62061 en EN ISO 13849-1, en een geavanceerde programmeeromgeving die toegankelijk is via de LCP (Local Control Panel). Ingebouwde PID-regelaars, programmeerbare digitale en analoge I/O en ondersteuning voor encoderfeedback maken het geschikt voor complexe automatiseringstaken.
De VLT AutomationDrive FC 302 wordt veel ingezet in industrieën zoals voeding en dranken, water en afvalwater, materiaalbehandeling, HVAC en algemene fabricage. Het wordt vaak gebruikt om pompen, ventilatoren, compressoren, transportbanden, takels en extruders aan te sturen, waarbij bedrijf met variabele snelheid het energieverbruik en mechanische slijtage vermindert. De robuuste constructie en uitgebreide beveiligingsfuncties van de regelaar maken het geschikt voor continue industriële omgevingen.
Technische Specificaties
| Serie/Productfamilie | VLT AutomationDrive FC 302 |
|---|---|
| Regeltype | VVC+ (open-lus), Flux Vector (gesloten-lus) |
| Ingangsspanning | 380–480 V AC (3-fase) |
| Uitgangsstroom (continu) | Ter bevestiging per 131B3526-variant |
| Communicatie-interface | RS-485 Modbus RTU (ingebouwd); PROFIBUS, PROFINET, EtherNet/IP via optikaarten |
| Encoder-ondersteuning | Incrementele en absolute encoderfeedback via optikaart |
| Veiligheidsfuncties | Safe Torque Off (STO), IEC 62061, EN ISO 13849-1 PLd/Cat. 3 |
| EMC-filter | Ingebouwde EMC-filter (klasse A/B afhankelijk van variant) |
| Bedrijfstemperatuur | -10 °C tot +50 °C (vermogen verminderen boven 45 °C) |
| Opslagtemperatuur | -25 °C tot +65 °C |
| Relatieve luchtvochtigheid | 5–95% (niet-condenserend) |
| IP/Beschermingsklasse | IP20 / IP55 (afhankelijk van behuizingsvariант) |
| Certificeringen | CE, UL, cUL, RoHS |
| Remweerstandondersteuning | Externe remweerstand compatibel |
| Motorcompatibiliteit | AC-inductiemotoren, permanentmagneetmotoren, synchrone reluctantiemotoren |
| Schakelfrequentie | 1,0–16 kHz (instelbaar) |
Veelvoorkomende fout- en alarmcodes
- ALM 2
- Live zero-fout — analoog ingangssignaal is onder de geconfigureerde minimumdrempel gezakt (bijv. onder 4 mA op een 4–20 mA-ingang).
Controleer analoge signaalbedrading en bronapparaat. Verifieer parameter 6-01 (Live Zero Timeout Function) en ingangssignaalniveaus. - ALM 4
- Netfaseverlies — een of meer ingangsfasen van de voeding ontbreken of zijn ernstig onevenwichtig.
Controleer inkomende driefasige voedingsspanning op alle drie fasen. Inspecteer ingangszekeringen, contactor en kabelverbindingen. - ALM 7
- DC-overspanning — DC-busspanning heeft het maximaal toelaatbare niveau overschreden.
Controleer voedingsspanning op overspanningscondities. Verifieer remweerstandverbinding en parameterinstellingen. Overweeg overspanningsbesturing in te schakelen. - ALM 8
- DC-onderspanning — DC-busspanning is onder het minimaal toelaatbare niveau gezakt.
Controleer inkomende voedingsspanning. Inspecteer ingangszekeringen en gelijkrichterdeel. Verifieer dat netspanning binnen specificatie ligt. - ALM 9
- Inverter overbelast — de regelaar werkt gedurende een langere periode boven zijn nominale stroom.
Controleer motorbelastingscondities en bedrijfscyclus. Verifieer motor- en regelaarafmetingen. Verminder belasting of verhoog regelaarclassificatie. - ALM 13
- Overcurrent — uitgangsstroom heeft de piekstroomlimiet overschreden.
Controleer op kortsluitingen of aardfout in motor. Inspecteer motorkabels en motorwikkelingen. Verifieer dat acceleratierampentijden niet te kort zijn. - ALM 14
- Aardfout — een aardlekstroom is gedetecteerd op de uitgangsfase(n).
Inspecteer motorkabelisolatie en motorwikkelingen op aardfoulen. Controleer kabelafscherming en aardingsverbindingen. - ALM 29
- Regelaar overtemperatuur — de koelvintemperatuur heeft het toelaatbare limiet overschreden.
Controleer omgevingstemperatuur en ventilatie rond de regelaar. Reinig koelvinnen en ventilator. Verifieer ventilatorwerking en luchtstroombereiken.
Veelgestelde Vragen
Welke besturingsmodi ondersteunt de Danfoss FC 302?
De FC 302 ondersteunt open-lus VVC+ (Voltage Vector Control) en gesloten-lus fluxvectorbesturing, waardoor nauwkeurige snelheids- en koppelregeling mogelijk is. Gesloten-lus bedrijf vereist een optikaart voor encoderfeedback.
Welke communicatieprotocollen zijn beschikbaar op de FC 302?
De FC 302 bevat ingebouwde RS-485 met ondersteuning voor Modbus RTU en FC-protocol. Aanvullende fieldbus-protocollen zoals PROFIBUS DP, PROFINET, EtherNet/IP en DeviceNet zijn beschikbaar via plug-in optikaarten.
Heeft de FC 302 een ingebouwde Safe Torque Off (STO)-functie?
Ja, de FC 302 bevat een geïntegreerde STO-functie conform IEC 62061 en EN ISO 13849-1 tot PLd, Categorie 3, waardoor het in veel configuraties kan worden gebruikt in veiligheidsrelevante toepassingen zonder externe veiligheidsrelais.
Kan de FC 302 permanentmagneetmotoren aansturen?
Ja, de FC 302 ondersteunt permanentmagneetmotoren (PM) en synchrone reluctantiemotoren naast standaard AC-inductiemotoren, met behulp van speciale motorbesturingsmodi die configureerbaar zijn via de parameterset.
Wat is het doel van de LCP op de FC 302?
De LCP (Local Control Panel) biedt een toetsenbord- en displayinterface voor parameterprogrammering, handmatige snelheidsregeling en statusbewaking van de regelaar. Het kan ook worden gebruikt om parametersets tussen regelaars te kopiëren.
Probleemoplossing
Regelaar geeft ALM 13 (Overcurrent) weer onmiddellijk bij het starten
Controleer motorkabellengte en isolatieweerstand. Meet fase-naar-fase en fase-naar-aarde weerstand met een megohmmeter. Inspecteer op kortsluitingen in motorbedrading.
Vervang beschadigde motorkabel of repareer motorwikkelingsfout. Als kabel lang is, schakel compensatieparameters voor motorkabel in. Zorg ervoor dat acceleratierampentijd (parameter 3-41) niet te kort is ingesteld.
Regelaar schakelt uit op ALM 29 (Overtemperatuur) tijdens normaal bedrijf
Controleer omgevingstemperatuur op regelaarplek en verifieer dat koelventilator draait. Inspecteer koelvin op stof- of puinafsluiting. Bevestig dat minimale afstandsafstanden boven en onder de regelaar worden gehandhaafd.
Reinig koelvin en ventilatorbladen. Zorg ervoor dat omgevingstemperatuur niet hoger is dan 50 °C. Verifieer ventilatorwerking — vervang ventilator indien defect. Verminder regelaarvermogen als omgevingstemperatuur hoger is dan 45 °C.
Motor draait maar snelheid komt niet overeen met referentiesignaal
Controleer analoog ingangssignaal op terminal 53 of 54 met een multimeter. Verifieer parametergroep 6-1x en 6-2x-instellingen voor ingangsverschaling. Bevestig referentiebronkeuze in parameter 3-15.
Kalibreer analoge ingangsverschalingparameters opnieuw zodat deze overeenkomen met het signaalbronnenbereik (bijv. 0–10 V of 4–20 mA). Verifieer signaalbedrading en bronapparaatuitgangsniveau. Controleer op signaalinterferentie op analoge ingangskabels.
Regelaar start op maar display (LCP) blijft leeg
Controleer 24 V DC-besturingsspanning en verifieer dat netinspanning aanwezig is. Inspecteer interne zekeringen en controleer op fout-LED's op de stroomprintkaart. Probeer LCP-vervanging om displayfout te isoleren.
Vervang LCP indien bevestigd defect. Als netspanning aanwezig is maar regelaar start niet op, inspecteer ingangszekeringen en het inrush/gelijkrichtercircuit. Een defecte SMPS-kaart (switch-mode power supply) kan vervanging vereisen.
Fieldbus-communicatieverlies tussen regelaar en PLC
Controleer fieldbus-optikaartplaatsing in het regelaaroptieslot. Verifieer netwerkkavelverbindingen, beëindigingsweerstanden en knoopaadressen. Controleer communicatiestatusparameters in parametergroep 8-xx.
Plaats fieldbus-optikaart opnieuw of vervang deze. Verifieer dat correct knoopaddres en baudrate-instellingen overeenkomen met PLC-configuratie. Zorg voor juiste kabelbeëindiging aan beide uiteinden van het netwerksegment.
| Conditie | Reparatie, Gebruikt, Refurbished, Nieuw in doos (geseald) |
|---|
Gerelateerde producten
-
Lenze E84AZESR2222LL Lenze 8400 StateLine
€ 118,00Opties selecteren Dit product heeft meerdere variaties. Deze optie kan gekozen worden op de productpagina -
Lenze E94AZPM0044 Lenze 9400 HighLine
€ 122,00Opties selecteren Dit product heeft meerdere variaties. Deze optie kan gekozen worden op de productpagina -
Lenze E94AZKAE E94AZKAE
€ 138,00Opties selecteren Dit product heeft meerdere variaties. Deze optie kan gekozen worden op de productpagina

